v-6.jpg
Lezingen: Jesaja 61:10,62:3; Lucas 2:22-40

Een oud-testamentische profeet, die een visioen van het hemelse Jeruzalem schildert. En twee mensen die in de geboorte van Jezus verwachtingen vervuld zien, die ze hun leven lang hebben weten vol te houden.

De auteur van de gelezen verzen uit Jesaja schetst een visioen, waarin Sion oftewel Jeruzalem echt de stad Gods is, gekleed in het kleed van de bevrijding en in de mantel van de gerechtigheid.
De schrijver leeft in een tijd nadat de ballingen uit Babylonië in een kleine groep zijn teruggekeerd in Israël. Zij treffen een land aan dat in puin ligt. De heropbouw verloopt moeizaam, ook het samen leven met de achtergebleven joden is moeilijk. Onrecht en wantoestanden vieren hoogtij. Bepaald geen stad Gods. Maar de profeet zingt met de moed der hoop.

Het verhaal van Lucas plaatst Simeon en Hanna in een wereld waarin Herodes koning van Juda is. Herodes, aan de macht gekomen met behulp van de Romeinen, die gehaat wordt door zijn onderdanen. Alle reden om naar vertroosting en bevrijding te verlangen, naar een ander soort samenleving en een ander soort koning.

Simeon wordt beschreven als een rechtvaardig, wetsgetrouw en vroom man, die de vertroosting van Israël verwachtte. Hem was een godsspraak gegeven met de verzekering dat hij niet zou sterven voordat hij de Christus had gezien. Hij was veel in de tempel, gedreven door de Geest. Hij herkent het kind, als zijn ouders hem binnenbrengen. Hij neemt het kind op en looft God. Hij zegent hem. Dit is de Messias. Dit is het kind dat verwacht werd.
Maar het zal allemaal niet gemakkelijk gaan. Simeon noemt ook al het onheil dat met het kind zal meekomen. Er zal verzet zijn en pijn voor wie zich inzet voor het heil, in Jezus Christus geopenbaard. Hij voorspelt Maria dat zij daardoor als door een zwaard zal worden doorstoken. Maria hoort dit aan. Hoe moet zij zich gevoeld hebben? Maar ze hoort ook dat haar kind de langverwachte Messias is. Zij zal zich daarover verheugd hebben. Maar dan zijn daar die gruwelijke woorden van Simeon.

En dan staat Hanna daar. Op het goede moment. Hanna brengt hulde aan God en looft hem en spreekt over het kind dat aan allen heil zal brengen. Hanna wordt een profetes genoemd. Van haar wordt gezegd dat zij oud is. Zij is al 84 jaar weduwe Dat is 7 maal 12. 7 is het getal van de de volheid en 12 is het aantal stammen van Israel.
Hanna’s weduwschap staat symbool voor het volk Israël. Zij was altijd in de tempel, waar ze God dag en nacht diende met vasten en bidden. Ook zij leeft in de verwachting van de verlossing en bevrijding van Israël. En ook zij wanhoopt niet, zij heeft vertrouwen. Ook zij weet wie er is binnengebracht.

Verwachting, vertroosting en bevrijding. Daar gaat het in de beide lezingen over. over deze drie begrippen.

Wat kunnen die begrippen voor òns betekenen? Bevrijding waarvan, vertroosting voor welk verdriet en wat valt er nog te verwachten?
Hoe zit het met onze èigen verwachtingen? Leven wij vanuit de verwachting van de bevrijding, van de vertroosting?
Wij hebben zojuist de geboorte van het Kind gevierd. Het was immers Kerstmis. Wij vieren dat altijd met veel gezang, eten en drinken en gezamenlijkheid. Door de z.g. kerststress waar sommigen van ons aan lijden, weten we niet meer zo goed dat we vierden dat het kind verlossing van alle ellende zal brengen. Leven wij ook met die zekerheid? Hebben wij vertrouwen dat de Verlosser alles ten goede zal keren?
En dat er een andere wereld zal ontstaan, dat het toch kan! Ondanks dat het er nog niet naar uitziet.

Na Kerstmis is de wereld niet zichtbaar anders of beter geworden. Nog steeds zien we geweld, armoede, hebzucht en overschilligheid, dichtbij en overal in de wereld. We kennen de moeite die we hebben om met elkaar in vrede te leven. Hoe kun je dan leven met de verwachting van de bevrijding en de vertroosting die beloofd werd. Dat hier niet het eindpunt is maar dat het nu begint?

Dat er ook beproevingen en strijd zullen zijn, ook voor ons, dat heeft Simeon ons en Maria voorspeld. Simeon en Hanna, twee verwachtende mensen, die ons duidelijk maken dat er met de geboorte van Jezus iets nieuws en unieks in de wereld is gekomen. Zien wij dat heil ook en zijn wij daar ook zo verheugd over, dat wij een lofzang kunnen aanheffen zoals Hanna deed?

Wij mogen hopen en vertrouwen, dat het ooit beter wordt, in de wereld en in ons eigen bestaan. Hopen en vertrouwen dat het beter wordt en intussen van daaruit proberen te leven. Leven in de verwachting van Gods Koninkrijk. Naar het voorbeeld van Simeon “vroom” of naar het voorbeeld van Hanna: veel met de geboden Gods bezig zijn.
Dus: doen wat gedaan moet worden, doen wat goed is, doen wat Jezus deed en zou doen: meer dan het gewone.
Dat betekent volhouden, risico’s nemen, blijven proberen, en blijven vertrouwen.

Ook in het aanstaande nieuwe jaar 2019? Komen onze verwachtingen uit, kunnen we de moed en het geloof en het vertrouwen opbrengen om ook in 2019 de verwachting levend te houden?
Geloven in het nieuwe, zonder zekerheid. Dat geloof vraagt uithoudingsvermogen en vertrouwen, die Simeon en Hanna ons lieten zien.

Wij wensen u allen een goede jaarwisseling en een jaar vol vertrouwen.

Overweging uitgesproken door mw. Guusje van Rijn.

De Ontmoetingskerk   Meijhorst 7033  •  6537 EP  Nijmegen   024-344 14 46  ( secretariaat )