v-3.jpg
Lezingen: Numeri 11:24-29; Marcus 9:38-50

Gemeente van onze Heer Jezus Christus,

Mozes heeft het moeilijk!
Het leven in de woestijn is moeilijk, bijna onmogelijk. Het radeloze volk klaagt massaal bij Mozes - met z’n zeshonderdduizenden, vermeldt het tekstgedeelte vlak vóór het net gelezen hoofdstuk.
Hij kan niet meer, het wordt hem te zwaar. Hoe kan hij de last van dit om voedsel huilende volk alleen dragen?
Voor die vraag heeft Mozes een adres: God de Heer.
En God nodigt hem uit om met 70 mannen uit de oudsten van het volk naar de zogeheten Tent van samenkomst te komen. Daar zal Hij met Mozes spreken en een deel van Zijn Geest van Mozes afnemen en op die oudsten leggen. De last van het gezag over en de zorg voor het volk zullen de 70 daardoor met Mozes delen.
Hij hoeft het niet alleen te doen! God de Heer is het goede adres.
En zo gebeurt het en de 70 mannen profeteren als een deel van de Geest die op Mozes is, op hén is gelegd.

Van twee van de mannen wordt gezegd dat ze in het kamp zijn, dus niet bij Mozes en de 70 oudsten in de Tent van samenkomst. Maar daar in het kamp geven zij toch stem aan de Thora door te profeteren. Ook zíj zijn bezield geraakt door de Geest.
Waarom ze niet bij de Tent van samenkomst zijn vertelt het verhaal niet. Wel kennen we hun veelzeggende namen. Eldad: “God bemint” en Medad: “bemind” (door God). Hun reputatie lijkt voor de verteller niet meer stuk te kunnen.
Zij krijgen echter kritiek van anderen, waaronder Jozua! (Mozes’ rechterhand en latere opvolger). Alsof zij de positie van Mozes aantasten, alsof zij niet bevoegd zijn te profeteren, namens God te spreken.
Het profeteren van Eldad en Medad beantwoordt niet aan het verwachtingspatroon dat profeteren voorbehouden is aan het selecte groepje van en rond Mozes.

Wellicht herkenbaar voor ons, kritiek op anderen die zich op ons terrein begeven. Hoe statusgevoelig kunnen wíj soms zijn, gekwetst in onze ijdelheid, jaloers misschien? Hoe vaak denken wíj niet in hokjes: jij hoort erbij, hij niet?

Mozes zelf ziet het anders, denkt minder exclusief. Hij zou het liefst willen dat heel het volk profeteerde, dat iederéén door de Geest bezield was!
En God, God stuurt de Geest waarheen Hij wil. God stuurt de Geest niet alleen waar Mozes is.
Zo leert de tekst ons iets over Gods soevereiniteit, Zijn ruimhartigheid. Het leert ons ook dat God trouw is en dat Hij iederéén wil helpen in de door Hem gegeven taak.

In de evangelielezing zien we opnieuw het contrast tussen Gods ruimhartigheid en ons hokjesdenken. Johannes is, met Petrus en Jacobus, een van de drie discipelen die dichtbij Jezus staat. Hij is er vrijwel vanaf het begin bij, achter Jezus aan. Johannes zegt tot Jezus: “wij hebben iemand, die ons niet volgt, in Jouw naam demonen uit zien drijven en wilden het hem verbieden omdat hij ons niet volgt”. De leerlingen hangen aan het doen en laten van Jezus. Wanneer zij een ander zien doen wat Jezus doet, willen zij die persoon uitsluiten.

Jezus ziet dat volstrekt anders: “wie niet tegen ons is, is voor ons”. Jezus’ waarschuwt tegen hokjesdenken. het maakt de werking van Gods Geest onmogelijk. Niet wíj zijn exclusief, maar samen mét anderen dienen wij de exclusiviteit van Jézus na te volgen in het bouwen aan Gods koninkrijk. Het gaat Jezus, net als Mozes, om de zaak zelf.

Hij schrikt daarbij niet terug voor radicaal taalgebruik: hak de ledematen af die je verleiden, laat je hand, je voet, je oog je op de goede weg houden.
Jezus’ woorden zijn als een spiegel; ze zetten ons aan het denken over onze handen, onze voeten, onze ogen.
In hoeverre willen wij met onze handen een ander wijzen wat hij moet doen, een ander zijn plaats wijzen, hem wegduwen, op afstand houden? Zíjn handen hielpen mensen overeind, zegenden, genazen, deelden voedsel uit, trokken mensen in de kring!
In hoeverre willen wij met onze voeten graag voorop lopen, een podium beklimmen of aan een ander voorbijlopen zonder even stil te staan, de ander negeren? Zíjn voeten bleven stilstaan bij wie hulp nodig had, eenzaam of ziek was!
In hoeverre kijken wij iemand níet, of misprijzend, hooghartig of arrogant aan? Blikken kunnen doden! Zíjn ogen bevestigden mensen, straalden warmte, liefde en betrokkenheid uit!

Naast díe radicále woorden heeft Jezus heeft het bij het bouwen aan Gods koninkrijk ook over puurheid. Hij zegt: “word met vuur gezouten”.
Als de bedoeïenen een vuur aansteken, strooien ze eerst zout op de grond. Het vuur wordt dan warmer en zal meer licht geven.
En ... zout dat niet meer zout, wordt kalk.
Zout kan zelfs mensen dragen. Sommigen van ons zijn wel eens in Israël geweest en hebben wellicht aan de oever van de Dode Zee gestaan. We hebben misschien gezien dat er mensen in ronddreven die de krant lazen, zo ver werden ze door het zoute water omhooggeduwd; zout kan ons verheffen.
Jezus’ boodschap is: “Zorg dat jullie het zout in jezelf niet verliezen en bewaar onder elkaar de vrede”. Heb aandacht en liefde voor je medegelovigen, hoe geríng je die misschien ook acht en hoe ánders die misschien ook zijn.

God gaat ons - zo vaak selectieve - denken, ons - zo vaak selectieve - doen te boven. God stuurt de Geest waarheen Hij wil, maken wij dan ruimte ...?

 

Overweging uitgesproken door mw. Anja Smit.

De Ontmoetingskerk   Meijhorst 7033  •  6537 EP  Nijmegen   024-344 14 46  ( secretariaat )